| |
| Contrapunt Sytze Faber De studeerkamer als kraamkamer Als gevolg van de kredietcrisis zijn de 500 rijkste Nederlanders het afgelopen jaar voor 18 miljard het schip ingegaan. Ze hoeven echter nog niet op een houtje te bijten. In feite is het voor hen vooral een boekhoudkundige kwestie, waar ze niet warm of koud van worden. Samen zijn ze namelijk nog steeds goed voor 127 miljard. Gemiddeld ruim 250 miljoen de man. Dan kun je nog wel een paar stootjes velen. Het toeval wil dat het vermogensverlies van die 500 rijkaards, die 18 miljard dus, de helft is van de 35 miljard die het kabinet Balkenende IV steunend en kreunend wil bezuinigen. De rijkaards hoeven echter niet benauwd te zijn dat het kabinet bij hen de hand zal ophouden. Een inkomensafhankelijke hypotheekrenteaftrek? Een tijdelijke solidariteitsheffing voor inkomens boven de ton? Inkomensafhankelijke kinderbijslag? Verhoging van de motor- en vaarbelasting? Verlaging van de defensie-uitgaven? Verhoging van de grens voor sociale premies? Niets van dat alles. Alleen al van het stellen van dit soort vragen wordt de CDA-top onpasselijk en wordt om een teiltje geroepen. Wouter Bos, een ontzielde sociaal-democraat, legt zich er gedwee bij neer. En wat de ChristenUnie verstaat onder ‘christelijk-sociaal’ wil ook maar niet duidelijk worden. Om de 35 miljard bij elkaar te harken heeft het kabinet twintig ambtelijke werkgroepen aan het studeren gezet. Zonder een richting aan te geven waar de bezuinigingen wel en niet gezocht moeten worden. Vrijheid blijheid. Geen taboes. De ambtenaren mogen het zelf uitzoeken. In eigen vlees gaan ze natuurlijk niet snijden. Daarom is het wel duidelijk waar het op uit zal draaien. Politiek is soms namelijk net water. Het laagste punt is het eindstation. Dat zijn in dit geval de baanlozen. Werklozen, gehandicapten en senioren zonder veel aanvullend pensioen gaan (opnieuw) het gelag gaan betalen. Zo gaat het er aan toe in een neoliberale maatschappij. De verhoging van de AOW-leeftijd is nog maar de eerste stap. De coalitie verkondigt dat het om een sociaal verantwoorde maatregel gaat. Wat is er echter voor sociaals aan om een korting van ruim zeven procent toe te passen op de AOW en de pensioenen van mensen die op hun 65ste schoon op zijn en met hun tong op de schoenen lopen? Daarbij gaat het niet alleen om bouwvakkers, maar bijvoorbeeld ook om veel leerkrachten, verpleegkundigen, politieagenten en kleine middenstanders. Het is – om een favoriete uitdrukking van de premier te gebruiken – flauwekul om te beweren dat de verhoging van de AOW-leeftijd een gevolg is van de vergrijzing. De problematiek van de vergrijzing was drie jaar geleden al van a tot z in kaart gebracht. Behalve voor D66 was dat voor geen enkele partij aanleiding om in het verkiezingsprogramma te pleiten voor een hogere pensioenleeftijd. Tijdens de kabinetsformatie werden er ook nauwelijks woorden aan vuil gemaakt. Het voorstel om de AOW-leeftijd te verhogen is een bezuinigingsmaatregel om het gat dat vooral banken en verzekeringsmaatschappijen in de schatkist hebben geslagen enigszins te helpen dichten. De teller begint overigens pas in 2020 te lopen. Hoe zal de wereld er dan trouwens uit zien? Maatschappelijke modder Er is niet alleen het sociale aspect. Soms lijkt het er op dat het kabinetsplan in elkaar geknutseld is op een andere planeet. De studeerkamer als kraamkamer. Het werd de afgelopen week bestempeld als ‘broddelwerk’. Niet – zoals velen wellicht zullen denken – door Agnes Kant, Geert Wilders of Agnes Jongerius. Nee, de kwalificatie kwam uit onverwachte hoek. Ze werd in de mond genomen door Gijs Buijs, bestuurder van de Aannemersfederatie Nederland. Dat is de koepelorganisatie van 1700 kleine en middelgrote bouwbedrijven met ongeveer 40.000 werknemers. Buijs vindt het wereldvreemd van het kabinet dat werkgevers verplicht worden om bijvoorbeeld metselaars, stratenmakers en dakdekkers na dertig jaar om te scholen naar een minder zware functie. Dat is meestal domweg onmogelijk. In de praktijk zal er volgens Buijs maar één uitweg overblijven: de ziektewet of de arbeidsongeschiktheidswet. In NRC Handelsblad stond het relaas van een teamleider uit een woon- en zorgcentrum. ‘Ongeveer de helft van ons personeel is ouder dan 45. Zij zijn vaak meer dan 25 jaar in dienst. Volgens de nieuwe AOW-plannen zou ik deze mensen dus op hun 48ste lichter werk moeten aanbieden. Kun je het je voorstellen? Als ze geen mensen meer mogen wassen of tillen omdat dat te zwaar is, wat moeten ze dan nog doen? Spelletjes met de bejaarden? Ik heb werkelijk geen idee’. In de Leeuwarder Courant van donderdag j.l. vraagt Buijs zich af waarom de AOW-leeftijd niet gekoppeld wordt aan het arbeidsverleden. ‘Iemand die op zijn zeventiende is begonnen heeft op zijn zestigste, na 43 jaar werk, wel voldoende bijgedragen aan de AOW-pot. Een ander blijft doorstuderen tot z’n 27ste en kan gemakkelijk door tot zeventig jaar.’ Niet alleen de nuchterheid van deze benadering spreekt aan. Ook dat op deze manier voorkomen wordt dat de rekening vooral gepresenteerd wordt aan mensen met een lage opleiding, een korte levensverwachting, een laag inkomen en een broze gezondheid. Speelt het het kabinet soms parten dat de drie (vice-)premiers annex politieke leiders nooit in de maatschappelijke modder hebben gestaan? Feit is dat ze buiten de politiek om maar weinig maatschappelijke ervaring hebben opgedaan. Wouter Bos heeft alleen gewerkt in (buitenlandse) managementfuncties bij Shell. Balkenende en Rouvoet eigenlijk alleen op het wetenschappelijk bureau van hun partij. Donner – de vierde hoofdrolspeler – leefde zich vooral uit in het schrijven van semi-wetenschappelijke rapporten. Hoe het ook zij, de kabinetsvoorstellen schieten tekort in sociaal opzicht en qua uitvoerbaarheid. Anderzijds hebben zoveel maatschappelijke veranderingen plaatsgevonden, dat het achterhaald is om een dogma te maken van 65 jaar als AOW-leeftijd voor iedereen. Er is behoefte aan flexibiliteit en sociale evenwichtigheid. Waarom ook geen stevige bijdrage gevraagd van die miljonairs en miljardairs uit het begin van dit verhaal om het gat van 35 miljard te dichten? Het zou de geloofwaardigheid van kabinet en coalitie aanzienlijk vergroten. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber Verkiezingen? De sleutel ligt bij Wouter Bos Hij kreeg een tik van de neoliberale molen. Een ziener is hij niet. Een inspirerende leider evenmin. Laat staan een rusteloze politieke regisseur van het type Lubbers. Er kleeft geen charisma aan hem. Hij vergaapt zich graag aan de glamour van rijken der aarde. Gestuntel is hem niet vreemd. Hij valt op snelle auto’s en kijkt het liefst de kat uit de boom. Dit is echter maar een deel van het verhaal. Vergeleken met de twee andere gevestigde machtspartijen, PvdA en VVD, staat zijn partij, het CDA, er niet slecht op. Dat kan voor een belangrijk deel op zijn conto worden geschreven. Mediajunk Wouter Bos heeft een geloofwaardigheidsprobleem. Mark Rutte overschreeuwt zichzelf voortdurend. Jan Peter Balkenende is daarentegen een toonbeeld van evenwichtigheid. Hij heeft – erg belangrijk – ook een uitstekend machtsinstinct. In 2002 veroverde hij het premierschap doordat hij in de verkiezingscampagne een niet-aanvalsverdrag sloot met Pim Fortuyn. Hoe men daar ook over mag denken, het was in ieder geval een staaltje uitgekiende machtspolitiek. Als premier kwam Balkenende relatief vaak in de problemen. Geen van zijn kabinetten haalde de eindstreep. Als een duikelaartje kwam hij echter toch steeds weer boven. Luctor et emergo. Het sterkste punt van Balkenende is vermoedelijk, dat hij in een tijdsgewricht van schaamteloze zelfverrijking integriteit uitstraalt. Een typerend voorbeeld zijn de ministeriële declaratiebonnetjes, die onlangs werden gepubliceerd. Ministers krijgen maandelijks een vaste onkostenvergoeding. Desondanks – ik noem maar een paar dwarsstraten – declareerde Eimert van Middelkoop de huurprijs van een jacquet, Wouter Bos een zonnebril die hij ergens had laten slingeren en Guusje Ter Horst – helemaal klein bier - twee broodjes haring (vier euro veertig!) die ze bij de visboer op het Binnenhof had laten halen. Jan Peter Balkenende was de enige bewindspersoon die geen cent had gedeclareerd. ‘Ik vind dat ik genoeg verdien.’ Een pretentieloze soberheid waar de goegemeente waardering voor heeft. Nu heeft Balkenende een grote kans om de eerste president van Europa te worden. Die functie lijkt overigens meer dan ze in werkelijkheid is. De Europese president is niet te vergelijken met die van de Verenigde Staten. Hij is in hoge mate afhankelijk van de opvattingen en grillen van de 27 individuele Europese regeringsleiders. Bovendien moet nog afgewacht worden hoe de bevoegdheden verdeeld zullen worden tussen de voorzitter van de Europese Unie, momenteel Barroso, en de toekomstige Europese president. De Europese president zal vooral achter de schermen moeten onderhandelen en masseren dat het een aard heeft. In kleine kring is Balkenende innemend en onderhoudend. Gecombineerd met zijn zevenjarige ervaring als premier en met zijn instinct voor macht is hij gekwalificeerd om de eerste president van Europa te worden. Niet alleen voor hem persoonlijk maar ook voor Nederland zou dat eervol zijn. AOW-leeftijd Na alle kritiek op zijn (vermeend) gebrek aan leiderschap, was het ronduit vermakelijk dat PvdA en ChristenUnie er afgelopen week openlijk bij Balkenende op aandrongen om af te zien van een eventuele Europese topfunctie. Dat zou hij ons land in de huidige benarde financiële omstandigheden niet mogen aan doen. Wat een onzin. Maxime Verhagen staat (al tijden) klaar om het stokje over te nemen. Arie Slob, André Rouvoet en Wouter Bos zullen zich van de kabinetsformatie herinneren dat Verhagen toen een hoofdrol speelde. Hij kende de dossiers als geen ander en was dominanter dan Balkenende. Kortom, bij een vertrek van Balkenende naar Europa is zijn opvolging geen probleem. Wel zal de CDA-top het jammer vinden dat een vertrek van Balkenende op dit moment te vroeg komt voor kroonprins Camiel Eurlings. Eurlings is soepeler in de omgang dan Verhagen en hij heeft meer electorale werfkracht onder jongere kiezers. Maar dit terzijde. De echte reden dat de PvdA (de CU fungeerde als buikspreker van Bos) publiekelijk aandrong op het aanblijven van Balkenende is de angst voor vervroegde Kamerverkiezingen. Daar moet de PvdA, die zich volgens eigen zeggen in ‘een deplorabele toestand’ bevindt, gewoon niet aan denken. Waarom zou een tussentijds vertrek van Balkenende echter automatisch tot vervroegde verkiezingen moeten leiden? In 1994 vertrok de Luxemburgse premier Santer om voorzitter van de Europese Commissie te worden. In 2004 gebeurde hetzelfde met de Portugese premier Barroso. In beide gevallen werden er geen vervroegde verkiezingen uitgeschreven. Een paar maanden geleden volgde de Deense premier Rasmussen De Hoop Scheffer op als secretaris-generaal van de NAVO. Het was voor de Denen geen reden om eerder naar de stembus te gaan. Waarom zou dat dan in ons land wel moeten gebeuren? Natuurlijk zullen de oppositiepartijen bij een vertrek van Balkenende op hoge toon roepen om vervroegde verkiezingen. Dat hoort bij het spel. Het is lang niet zeker of de PvdA daar weerstand aan zal durven bieden. Zo niet, dan zullen er begin volgend jaar dus niet alleen verkiezingen voor de gemeenteraad worden gehouden maar ook Kamerverkiezingen. De verhoging van de AOW-leeftijd zal in de campagne een prominente plaats gaan innemen. Zouden de kiezers toch nog, zoals het hoort, de gelegenheid krijgen zich uit te spreken over deze (laatste) hoeksteen van onze verzorgingsstaat. Wouter Bos mag het zeggen. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber Lichtende voorbeelden van het neoliberalisme Soms dringt het opeens tot je door dat je een film al eens eerder hebt gezien. Die van Dirk Scheringa bijvoorbeeld. Dat was een jaar of dertig jaar geleden. Toen speelde scheepsbouwer Cornelis Verolme de hoofdrol. In beide gevallen gaat het om ondernemers van een degelijke gereformeerde komaf. Ze genoten niet al te veel onderwijs. Een scherp instinct voor waar een gat in de markt zit. Lijdend aan ijdeltuiterij en grootheidswaan. Op middelbare leeftijd kregen ze de wind echt in de zeilen. Hun vakbroeders keken op hen neer en beschouwden hen als indringers. Een permanente hunkering naar maatschappelijke erkenning. Daarom gepronk met bekende oud-politici in hun onderneming Potentaten. Persoonlijke eigenaren van een trits bedrijven. Steenrijk. De film van Verolme heeft geen happy end. Verolme raakt het contact met de werkelijkheid kwijt. Maakt verkeerde inschattingen. De overheid schiet met een paar miljard te hulp. Omwille van de werkgelegenheid en om de scheepsbouwindustrie voor ons land te behouden. Het mag niet baten. Het Verolme-concern gaat naar de galemiezen. Hoe zal de Scheringa-film aflopen? De vooruitzichten zijn niet florissant. Een schuldpositie van zes miljard en een klein eigen vermogen. Het DSB-imperium: een reus op lemen voeten. Bovendien – in de financiële wereld is dat een ernstige handicap – is de reputatie van DSB bedenkelijk. De winst en de groei zijn vooral bereikt door weinig geletterde mensen met een smalle beurs onnodige en peperdure polissen aan te smeren. Eergisteren is met de nodige bombarie – de publiciteitsmachine is prima geolied – door DSB toegezegd hulp te bieden aan cliënten die op het punt staan uit hun huis te worden gezet. Het gros van de gedupeerden heeft er echter niets aan. Dus zal DSB de komende tijd weer geregeld in de beklaagdenbank moeten plaats nemen. Dat stemt niet tot optimisme. Gebrek aan zelfkennis Volgens eigen zeggen schiet Scheringa vol bij de aanblik van beroemde zogenaamd magisch realistische schilderijen. In zijn mooie en bijzondere museum in Spanbroek hangen er tientallen. Emotie ontbreekt echter bij hem als mensen door een DSB-molensteen maatschappelijk naar de kelder gaan. Het komt in de geschiedenis vaker voor. Machtigen der aarde die tot in hun ziel geraakt worden door de schoonheid van kunst en cultuur en die totaal geen scrupules kennen bij het hanteren van de knoet. Die paradox leidt niet tot het plaatsen van vraagtekens, maar oogst bewondering in hun omgeving. Het steeg Verolme naar het hoofd, bij Scheringa gebeurt hetzelfde. Eind vorig jaar bood hij grootmoedig aan om toe te treden tot het kabinet. Hij was er heilig van overtuigd dat hij met zijn inzicht en daadkracht ons land zou kunnen behoeden voor de gevolgen van de mondiale financieel-economische crisis. Het (pathologische) gebrek aan zelfkennis bij Scheringa was geen beletsel voor de minister-president om zijn partijgenoot in mei van dit jaar publiekelijk de hemel in te prijzen met de woorden: ‘Je bent een voorbeeld voor ons allemaal, je speelt een geweldige rol in de financiële sector, zet je in voor sport en cultuur. We zijn trots op je.’ Scheringa als lichtend voorbeeld voor de natie. Hoe is het mogelijk? Het is al jaren wijd en zijd bekend hoe DSB aan zijn financiële gerief komt. In 2005 werd Scheringa gedwongen de kopers van aandelenlease producten schadeloos te stellen omdat ze in het pak waren genaaid door gladde praters van DSB. Begin dit jaar werd DSB beboet – een zeer uitzonderlijke maatregel – door de Autoriteit Financiële Markten. In de media circuleerden onophoudelijk verhalen over onfrisse praktijken van DSB. Tegen deze achtergrond is het niet vreemd dat Peter Lakeman, dé expert op het gebied van bedrijfsfraude, een rechtszaak zal aanspannen tegen De Nederlandse Bank (DNB) wegens medeplichtigheid. Directeur Nout Wellink moet maar eens uitleggen hoe het kan dat hij er als wettelijk toezichthouder geen weet van had dat cliënten van DSB vaak gedwongen werden een veel te hoge hypotheek af te sluiten als gevolg van een koppelverkoop met (overbodige) verzekeringen. Gulzigheid Dezer dagen werd onthuld dat de bestuurders van NOC*NSF en van de turnbond al jaren wisten dat wereldkampioen ringturnen Yuri van Gelder aan de coke was. Ze hielden hun mond en lieten het geworden. Omdat Van Gelder voor ons land medailles binnensleepte. Succes legitimeert alles. De winnende voetbalcoach heeft per definitie gelijk. In onze cultuur hebben waarden als matigheid en discipline het moeten afleggen tegen die van onmatigheid en gulzigheid. Daar ligt de fundamentele oorzaak van de financiële crisis, die voortvloeit uit de onstuitbare neoliberale behoefte om permanent op te grote voet te leven. Politici en economen weten geen andere ‘remedie’ te bedenken dan meer van hetzelfde. De officiële rente wordt bijna op nul gezet en overheden (vooral die van de Verenigde Staten) strooien met geld. De verhouding tussen de reële economie en de geldvoorraad is compleet zoek. De mensen voelen dat het niet klopt. Vandaar dat de goudprijs tot astronomische hoogten stijgt. De Verolme-film liep niet goed af. Met die over Scheringa gaat het vermoedelijk dezelfde kant uit. En de afloop van het neoliberalisme – de oerfilm – kan men alleen maar vrezen. P.S. De komende twee zaterdagen geen Contrapunt Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber Onafhankelijkheid is schaars geworden Het gebeurt niet zo vaak meer dat een politicus bij mij het hart sneller doet kloppen. Een half jaar geleden was het dan nog zo ver. Dankzij Karen Duys. Zij is fractievoorzitster van het CDA in Rotterdam en een onafhankelijke geest. De ongekroonde Rotterdamse CDA-koning was Leonard Geluk. Als (debuterend) lijsttrekker verloor hij bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2006 twee van de vijf zetels. Toch werd hij wethouder. Dat heeft men gemerkt. Geluk kende zijn zaakjes goed. Hij was echter onbuigzaam en regentesk. In maart van dit jaar was voor Duys de maat vol. Zij vertikte het zich nog langer te laten koeioneren door Geluk. Haar fractie zegde het vertrouwen op in de eigen wethouder. Uiteraard grote heibel in de Rotterdamse CDA-tent. Er kwam een commissie van wijze mensen, die uitzocht hoe het zo uit de hand had kunnen lopen. In de conclusies van de commissie klonk onmiskenbaar begrip door voor Duys c.s.. Wethouder Geluk, zo werd opgemerkt, ging wel heel erg zijn eigen gang. Hij trok zich weinig aan van de eigen fractie. Voor Geluk was een en ander aanleiding om om te zien naar een andere baan. Met ingang van 1 januari a.s. wordt hij topmanager in de onderwijswereld, populair bij bestuurders die de Balkenende-norm wel hebben gezien. Einde affaire, zo zou men denken. Dan had men echter buiten het Rotterdamse partijbestuur gerekend. Dat kon de onafhankelijke opstelling van Duys niet verkroppen. Geluk weg, dan ook Karen Duys weg. Binnenskamers werd haar de politieke nek omgedraaid. Ook dat liet Duys niet op zich zitten. Ze stuurde vorige week aan alle Rotterdamse CDA-leden een brief op poten. Met feiten toont ze aan dat het met de democratie in haar partij droevig is gesteld. Ze spreekt over ‘een verwrongen structuur en cultuur’, waarin elke discussie bij voorbaat wordt doodgeslagen. Volgzaamheid, daar draait het om. Aflopen woensdag was er een ledenvergadering. Die sprak uit dat de gemeenteraadsfractie het recht heeft een eigen geluid te laten horen. Dat is vandaag de dag kennelijk al heel bijzonder. In ieder geval was het een kleine genoegdoening voor Duys. Of ze door het bestuur kandidaat gesteld zal worden voor de aanstaande raadsverkiezingen is overigens nog zeer de vraag. Verpietering In de casus Duys versus Geluk zit een opmerkelijk punt. Premier Balkenende, zo bleek dezer dagen, heeft er zich nadrukkelijk mee bemoeid. Achter de schermen zette hij Duys onder druk om in te binden. Partijdiscipline, daar gaat het om. Er is geen behoefte aan dwarsliggers, maar aan meelopers. Laten de grijze muizen zich vermenigvuldigen dat het een aard heeft! In de PvdA is het trouwens geen haar beter. Als het gaat om ‘geleide partijdemocratie’ zijn Bos en Balkenende aan elkaar gewaagd. Over de SP en de PVV kan men het in dit verband zelfs maar beter helemaal niet hebben. De kwijnende partijdemocratie staat niet op zichzelf. Van het controleren van de regeermacht door de Tweede Kamer komt, zacht gezegd, niet het meeste terecht. Het is immers gewoonte geworden dat de politieke leiders van de coalitie (vice-)premier in het kabinet worden. En dus dubbele pettendragers. Balkenende, Bos en Rouvoet zijn niet alleen – wat daar ook van over moge zijn – dienaar van de kroon, ze draaien ook dagelijks aan de knoppen van hun eigen partijmachine. Gevolg: de Kamermeerderheid, de coalitie, fungeert primair als verlengstuk van het kabinet. Met de verpietering van de partijdemocratie en van het dualisme tussen regering en parlement zijn we er echter nog lang niet. Als er tegenwoordig op strafrechtelijk gebied iets gebeurt dat Wakker Nederland niet zint, komt de onafhankelijke rechtspraak, dé slagader van de democratische rechtsstaat, zowel van links als rechts onmiddellijk onder vuur te liggen. Diversiteit – waar het zogenaamde poldermodel uit voort is gekomen – was vanouds hét kenmerk van ons land. Nu is verscheidenheid in de verdachtenbank geplaatst. Vrijheid van onderwijs wordt in toenemende mate niet meer als een lust maar als een last ervaren. De grootste gemene deler regeert. Maar de media dan, functioneren zij niet meer als democratische waakhond? Zij gaan gebukt onder de terreur van oplages en kijkcijfers. Informeren van lezers en kijkers maakt steeds meer plaats voor amuseren. Vorige week donderdag was het afscheidsfeestje van Rimmer Mulder, de vertrekkende hoofdredacteur van de Leeuwarder Courant. Drie (oud-)hoofdredacteuren deden hun zegje, benevens Hans Wiegel als voormalig commissaris der koningin in Friesland. Geen woord over de idealen van de democratische rechtsstaat en de noodzaak van een kritische, onafhankelijke pers. Integendeel, de regen van anekdotes van Wiegel over de verstrengeling van de belangen tussen het provinciale regentendom en de grootste krant van Friesland viel bij de meesten in vruchtbare aarde. Om de oudtestamentische richter Samuël te parafraseren: in onze tijd is het woord onafhankelijkheid schaars geworden en de vérgezichten weinig talrijk. Karen Duys kan er over meepraten. De traditionele bestuurderspartijen onderschatten dat mensen niet houden van volgzaamheid – een kenmerk van schapen – maar van wat afwijkt van de grijsheid. Zie de enorme populariteit indertijd van Pim Fortuyn. Het ziet er naar uit dat Femke Halsema, Agnes Kant, Marianne Thieme, de geblondeerde Geert Wilders en de non-conformistisch ogende Pechtold er in zullen slagen dat CDA, PvdA en VVD na de volgende Kamerverkiezingen zelfs samen geen meerderheid meer hebben. Het ‘ontploffen’ van de SER over de verhoging van de AOW-leeftijd is vermoedelijk nog maar een voorproefje van wat ons te wachten staat. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber Ook de Ieren spreken een woordje mee in het CDA Vrede was zo mooi toen het nog (koude) oorlog was. Nadat precies twintig jaar geleden de Muur viel, is het er echter niet beter op geworden. Tot 1989 was het overzichtelijk. De wereld bestond uit twee kampen. In het ene waren de Verenigde Staten de baas, in het andere de Sowjet Unie. Westelijke democratie versus communistische dictatuur. Die tweedeling bepaalde de internationale politiek. Toen het Sowjet imperium was ingestort, werd Rusland de schlemiel en Amerika de enige overgebleven wereldmacht. Dat is echter ook al weer verleden tijd. Rusland is terug van weggeweest. Dankzij de gigantische olie- en gasvoorraden. Daarnaast eisen derde wereldlanden als Brazilië, India en China nadrukkelijk hun plaats onder de zon op. De Verenigde Staten verloren hun monopoliepositie. Dat drong niet door tot de van eigenwaan vervulde regering van president Bush. Die begon onbekommerd een oorlog tegen Irak. Dat is uitgelopen op een ramp. Als de Amerikaanse troepen het land hebben verlaten, zal het vermoedelijk in drie delen uiteen vallen. Het steenrijke China – Washington staat voor duizenden miljarden in het krijt bij de Chinezen – is de lachende derde. Het heeft het grootste deel van de olierechten in Irak al in de wacht gesleept. In Afghanistan tekent zich een soortgelijk scenario af. Daar gaan de Chinezen er met de koperrechten vandoor. De wereld is één grote stad geworden, waarin alles met alles samenhangt. Er ontbreekt echter een stadsbestuur dat de lijnen uit zet. Daardoor dreigt er een vorm van internationaal anarchisme te ontstaan. President Obama verzocht na zijn aantreden bijvoorbeeld met klem aan Israël om te stoppen met het bouwen in de bezette Palestijnse gebieden. De Israëlische regering trekt zich er echter geen bal van aan en blokkeert daarmee willens en wetens een eventueel vredesproces. Daarmee kan Netanyahu overigens wel eens op de koffie komen. President Obama is zich er diep van bewust dat Amerika het in zijn eentje niet meer kan. Hij gaat daarom gesprekken aan met de concurrentie en neemt, in tegenstelling tot zijn voorganger, de Verenigde Naties serieus. President Bush wilde tot woede van de Russen in Oost-Europa een raketschild plaatsen. Obama is daar nu op terug gekomen. Dat betaalt zich uit. Afgelopen donderdag stemde de Veiligheidsraad unaniem in met een Amerikaanse resolutie, die de lidstaten oproept om kernwapens uit te bannen en om de verspreiding ervan tegen te gaan. Dat kan niet afgedaan worden als goedkope getuigenispolitiek. De resolutie biedt een handvat om de nucleaire ambities van Iran in te tomen. Het is veelbetekenend dat de Russische president Medvedev sancties tegen Iran nu niet meer uitsluit. De resolutie heeft echter ook betrekking op Israël, een van de grootste kernmachten ter wereld. Volgens Amerikaanse schattingen beschikt het over meer dan 150 kernwapens. Een huiveringwekkend aantal. Israël heeft nooit het verdrag tegen de verspreiding van kernwapens willen ondertekenen. De boodschap van Obama is duidelijk: voorkomen moet worden dat Iran zich ontwikkelt tot een atoommacht, maar de tijd is ook voorbij dat Israël kan doen en laten wat het wil. Obama weet dat de Amerikaanse superioriteit verleden tijd is. Hij probeert het internationale vacuüm – een wereld zonder ‘stadsbestuur’ – op te vullen door afspraken te maken met moslimstaten en opkomende wereldmachten, die door hem als gelijkwaardigen worden behandeld. Een voor Amerika volstrekt nieuwe gedragslijn. Referendum Het is natuurlijk van een heel andere orde maar dat alles met alles samenhangt, raakt ook de Nederlandse partijpolitiek. Twee maanden geleden, op 25 juli, schreef ik: ‘Maxime Verhagen komt er aan!’ Om vooral de in Limburg dreigende uittocht naar de PVV te keren, wordt er in het CDA gespeculeerd over een wisseling van de wacht. De Algemene Beschouwingen van vorige week illustreerden dat de houdbaarheidsdatum van Jan Peter Balkenende als premier dichterbij komt. Het voorzitterschap van de Europese Raad van Ministers zou het CDA (en Balkenende) een eervolle en elegante uitweg bieden. Dat is een nieuwe functie, die pas ontstaat als het (aangepaste) Verdrag van Lissabon door alle 27 Europese landen is goedgekeurd. Het wachten is nu nog op Ierland. Daar wordt volgende week vrijdag een beslissend referendum gehouden over dat Verdrag. Afgaande op de opiniepeilingen wordt het spannend. Er zijn die avond twee landgenoten die op het puntje van hun stoel de uitslagen in Dublin zullen volgen: Jan Peter Balkenende en Maxime Verhagen. De Ieren beslissen op 2 oktober niet alleen over ‘Lissabon’, maar spreken ook een woordje mee over het leiderschap van het CDA. Inderdaad, de wereld is één grote stad geworden waar alles met alles te maken heeft. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber De baanlozen zijn weer het haasje Als ergens een sloot moet worden gedempt, kan men dat maar beter niet uitbesteden aan de kikkers. Daar denkt het kabinet anders over. Er moet jaarlijks een gat worden gedicht van meer dan dertig miljard euro. Hoe dat moet worden aangepakt, laat het kabinet voorlopig in het midden. Niet minder dan twintig ambtelijke werkgroepen krijgen een half jaar de tijd om uit te vlooien hoe er twintig procent bezuinigd kan worden. Topambtenaren zijn soms net kikkers. Ze vereenzelvigen zich met hun eigen leefomgeving, hun eigen koninkrijkjes. De verleiding is voor hen groot om aan te komen zetten met bezuinigingen, die voor een belangrijk deel buiten de politieke realiteit staan. We zijn dan in het voorjaar van 2010 weer net zover als nu. Dat komt er van als een kabinet niet zelf de lijnen uitzet en kikkers het werk wil laten doen. Het kabinet brengt hier tegen in dat het toch echt wel van wanten weet. Het wil immers de AOW-leeftijd met twee jaar verhogen. Als dat geen blijk van daadkracht is! Geen overtuigend argument. Afgezien van hoe met denkt over het optrekken van de AOW-leeftijd, het levert over tien (!) jaar een bezuiniging op van nog niet eens één miljard euro. Een druppel op een gloeiende plaat. Na de gemeenteraadsverkiezingen in maart aanstaande hangt van de regeringspartijen in ieder geval de PvdA groggy in de touwen. Het zal een hele toer worden de coalitie bij elkaar te houden. Als dat gaat lukken, zal het kabinet in ieder geval een paar punten op de financiële i moeten zetten. Vluchten kan dan niet meer. Er zal vermoedelijk worden gekozen voor de eenvoudigste weg: het vooral pakken van degenen die het gemakkelijkst gepakt kunnen worden, de baanlozen. Dat zijn AOW-ers zonder aanvullend pensioen, arbeidsongeschikten, Wajongers en bijstandsgerechtigden. Zo ging het de afgelopen kwart eeuw, zo zal het ook deze keer gaan. De verzorgingsstaat was prachtig toen er nog weinig gebruik van hoefde te worden gemaakt. Nu het aantal ouderen en werklozen snel oploopt, moeten we zorgen er van af te komen. Ongeveer de helft is inmiddels gesloopt en nu zal het mes in het restant worden gezet. Om de ernst van de financiële misère te illustreren rekende CDA-fractievoorzitter Van Geel voor dat momenteel bij ons elke boreling begint met een schuld van meer dan anderhalve ton. In Noorwegen is het andersom. Daar begint elke baby met een spaartegoed van ruim vijftien duizend euro. De Noren zijn namelijk zo verstandig geweest de opbrengsten van hun gasbel apart te zetten. Bij ons hebben de achtereenvolgende regeringen die honderden miljarden uitgegeven aan het opbouwen van de verzorgingsstaat en aan maatregelen die vooral de beter gesitueerden ten goede kwamen. Nu er orde op zaken gesteld zal moeten worden, zal wél de verzorgingsstaat verder worden afgebroken, maar de mensen met de sterkste schouders (en de banken!) mogen blijven leven als God in Frankrijk. Van een belastingverhoging tot zestig procent voor de allerhoogste inkomens wil premier Balkenende niets weten. De banken zijn dankzij de overheid weer het heertje. De regering is met honderd miljard bijgesprongen. Maar dat niet alleen. De centrale (overheids)banken zorgen er voor dat de commerciële banken tegen bijna nul procent kunnen lenen, terwijl die banken bij hun cliënten een procent of vijf in rekening brengen. Dat is gemakkelijk verdienen. Balkenende voelt echter niets voor een extra belasting voor banken. Bankiers staan boven de wet. Tijdens de twee paarse kabinetten van Kok en de eerste drie kabinetten van Balkenende woei er steeds een straffe neoliberale wind. De markt was onze beste vriend. Met de komst van Balkenende IV hoopten velen, waaronder ik, dat het tij zou keren. Dat solidariteit en mededogen met het kwetsbare weer in ere zouden worden hersteld. Het is ijdele hoop gebleken. Ook de ChristenUnie, die zich voor liet staan op haar christelijk-sociale standpunten, kan in de verste verte het verschil niet maken. Afgezien van de evenwichtig analyserende Pechtold, is het bij de oppositie ook armoede troef. Ondanks de vele praatjes van Rutte blijft het onduidelijk waar de VVD de bulk van de bezuinigingen vandaan wil halen. De SP en GroenLinks steken de kop in het zand. Aan de PVV valt geen touw vast te knopen. Kan er wel op een solidaire manier worden bezuinigd, zodat de band er om blijft in de samenleving? Sterkste schouders Als het gaat om majeure bezuinigingen mag van de Oranjes – daar heeft Wilders gelijk in – ook een voorbeeldfunctie worden verwacht. Meer hout zal snijden: een inkomensafhankelijke hypotheekrenteaftrek, een solidariteitsheffing gedurende drie jaar voor inkomens boven de ton, afschaffing fiscale aftrek van giften (een gift is een gift), inkomensafhankelijke regelingen in de zorg, het afsluiten van vluchtwegen naar belastingparadijzen, verhoging van de motor- en vaartuigenbelasting, het temperen van de uitgaven voor defensie (waarom moet Nederland zo nodig meedraaien in het allerhoogste geweldsechelon?). Deze voorbeelden bedenk ik niet zelf. Ik heb ze uit een artikel van de Dokkumer ondernemer Romke Kooyenga in de Leeuwarder Courant van eergisteren. Hij is met een geschat vermogen van ruim honderd miljoen een van de rijkste Friezen. Kooyenga heeft uitgerekend dat hij er zelf in 2010 zegge en schrijven twaalf euro op achteruit zal gaan. Dat vindt hij schandelijk. Hij is van mening dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen. Men zou denken dat zo’n benadering een kabinet, waarvan de meerderheid christen is, zal aanspreken. Afgaande op het debat van afgelopen week heb ik daar echter een hard hoofd in. Reageren? fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber Nederland en New York: een wereld van verschil Bij het feestje ter gelegenheid van het vierhonderd jarig bestaan van New York probeert de Nederlandse delegatie een mooi verhaal aan de man te brengen. Hoe komt het dat New York zich in de loop der eeuwen heeft ontwikkeld tot de boeiendste en meest kosmopolitische stad ter wereld? Dat komt door de Nederlanders! Toen zij New York stichtten hadden zij tolerantie en diversiteit hoog in hun vaandel staan. Leven en laten leven, was hun parool. Daarmee legden zij het fundament voor de dynamische culturele smeltkoes die New York is geworden. Inburgeren is er aan de orde van de dag. Als nieuwkomers hun cursus met succes hebben doorlopen, worden ze uitgenodigd voor een plechtige en feestelijke bijeenkomst. De burgemeester feliciteert hen uitbundig met het verwerven van de Amerikaanse nationaliteit. Daar blijft het echter niet bij. De nieuwe Amerikanen wordt op het hart gebonden dat zij hun culturele en religieuze afkomst niet moeten verloochenen. Integendeel, daar kunnen zij veel houvast aan hebben in de moeilijke strijd om het bestaan in hun nieuwe vaderland. Het verhaal dat de Nederlanders de afgelopen week in New York uitdroegen komt misschien wat zelfvoldaan over, maar het is mooi bedacht en er zit denk ik ook wel wat in. Het schrijnt echter dat die Nederlandse boodschap van ruimhartigheid jegens andere geloven en culturen tot de New Yorkse identiteit is gaan behoren en in Nederland zelf vrijwel achter de horizon is verdwenen. De New Yorkers ademen de stadslucht die vrij maakt diep in, bij ons staat vaak alleen nog maar seculiere pseudo-liberale eenheidsworst op de menukaart. Dat weerspiegelt zich in de bijna ondragelijke lichtheid van tv-programma’s als De Wereld Draait Door en Pauw&Witteman. De presentatoren verdienen scheppen met geld omdat ze goed geleerd hebben wat de grootste gemene (seculiere) deler graag wil horen. Het Nederlands mannen voetbalelftal bestaat al jarenlang voor ongeveer de helft uit spelers van allochtone komaf. Dat vindt iedereen vanzelfsprekend en Wilders is in dit geval dan ook niet geïnteresseerd in een-kosten-en-baten-analyse. Afgelopen maandag was het succesvolle vrouwenteam te gast bij Pauw en Witteman. Dat elftal telt maar één niet blanke speelster. Vanwaar dat verschil? Is het vrouwenvoetbal, in tegenstelling tot het mannenvoetbal, een sport voor de blanke elite? Aan dit intrigerende aspect werd geen aandacht besteed. De meest prangende vraag was bestemd voor Annemieke Kiesel – Griffioen (141 interlands) omdat zij theologie studeert. Pauw: ‘Dus jij hebt God bijna gevonden?’ Zij: ‘Hij heeft mij al lang gevonden.’ Op dezelfde dag dat Jeroen Pauw zijn ironische vraag stelde, zei Femke Halsema in een kranteninterview dat ze haast niet kan wachten ‘tot moslima’s hun hoofddoek afslingeren.’ De ‘handicap’ van Kiesel – Griffioen en hoofddoekjes dragende vrouwen is dat zij niet behoren tot de ware kerk van de secularisten, waarvan Pauw en Halsema prominente lidmaten zijn. Ethisch niemandsland Wat ander nieuws van het integratiefront. Marokkaanse jongeren die de breeveertien (het slechte pad) zijn opgegaan, blijken veel beter geïntegreerd te zijn dan (verreweg de meeste) Marokkaanse jongeren die niet met Justitie in aanraking komen. Integratie bevordert criminaliteit? Precies het omgekeerde van wat altijd is beweerd! De Utrechtse wetenschappers, die tot de opmerkelijke bevinding kwamen, denken te weten hoe het zit. De Marokkaanse jeugdcriminelen zijn (bijna) helemaal Nederlander met de Nederlanders geworden. Daarom hebben ze dezelfde idealen als de blanke Nederlanders: een mooi huis, een auto en een goede baan. Hun opleiding schiet echter nogal eens tekort en – ook niet onbelangrijk – bij sollicitaties hebben ze hun (Marokkaanse) naam meestal niet mee. De daaruit voortvloeiende frustraties plaveien de weg naar vermogensdelicten (diefstal, tasjesroof). Het klinkt plausibel. Ik vermoed echter dat het niet het hele verhaal is. In New York vindt men dat immigranten hun verleden niet moeten verloochenen en dat ze de waarden en normen waarmee ze opgroeiden moeten blijven koesteren. Daar kunnen ze houvast aan ontlenen, Bij ons gebeurt het omgekeerde. Bij immigranten worden de normen van de seculiere westerse cultuur ( met het daarmee vaak gepaard gaande nihilisme) er ingepompt. Hun verleden en afkomst is oude plunje, die ze zo gauw mogelijk moeten uitdoen. Dat hebben die criminele Marokkaanse jongeren gedaan. Met als gevolg dat ze belandden in een ethisch niemandsland. Aanmelding bij de jeugdafdeling van het gilde met de lange vingers ligt dan wel een beetje in de rede. De boodschap – respect voor diversiteit – die de Nederlandse stichters van New York vier honderd jaar geleden verkondigden is in New York beklijfd en in eigen land grotendeels verdampt. Het kan vreemd lopen. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber ‘Als wij gaan regeren, geven de koeien meer melk’ Onze democratie kwam – nog geen eeuw geleden – niet uit de lucht vallen. Eerst was de industriële revolutie nodig. Die maakte het uiteindelijk mogelijk dat de leefomstandigheden van de brede massa langzaam konden verbeteren. Als mensen gedwongen zijn zes dagen in de week van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat te zwoegen om een stukje brood op de plank te krijgen, is democratie voor hen iets van een andere wereld. Deze maand is het precies tachtig jaar geleden dat de Driestuiversopera in ons land in première ging. Daar komt de beroemde zin in voor: ‘Zuerst kommt das Fressen und dann die Moral’. Zolang de magen knorren, staat het hoofd niet naar verheven praatjes. Om de zoveel tijd constateert een rapport bezorgd dat er in het grootste deel van de wereld geen sprake is van democratie. Dat is nogal wiedes. Als mensen moeten rond komen van één dollar per dag zal democratie hun worst zijn. Pas bij een bepaald welvaartsniveau ontstaat een voedingsbodem voor een democratische samenleving. Na de Tweede Wereldoorlog is bij ons de economie aan een stuk door gegroeid. Daardoor kon onze samenleving tot op het bot worden gedemocratiseerd. Met de komst van internet lijkt het eindstation te zijn bereikt. Iedereen is nu in de gelegenheid om, al dan niet anoniem, er uit te kraaien wat men belieft. Het zaaien van wantrouwen en het opzetten van mensen tegen elkaar staat dagelijks op het internetmenu. Het begon met de kredietcrisis in de Verenigde Staten. Die waaierde uit over alle continenten. Vervolgens werd de wereldeconomie geïnfecteerd. Een en ander leidde er toe dat de overheden – de Verenigde Staten zijn koploper – bakken met geld uitgaven om banken te redden en de economie weer aan te praat te krijgen. Vooral de Westelijke wereld is daardoor beland in een financieel moeras. Neem Duitsland, waar over drie weken landelijke verkiezingen worden gehouden. Om de financiën in 2016 weer op orde te krijgen – het is een kwestie van optellen en aftrekken – is de Duitse regering genoodzaakt om jaarlijks tien miljard euro te bezuinigen of de belastingen navenant te verhogen. Kan het democratische stelsel dat aan? Het aantal werklozen zal oplopen tot een miljoen of zes en de overheid heeft geen sou te makken. Doordat er veel meer geld in omloop is dan de reële economie rechtvaardigt ligt bovendien – ook in dit geval zal het wel in de Verenigde Staten beginnen – een ontwrichtende inflatie in het verschiet. We zijn in een situatie beland die sinds de Driestuiversopera voor het eerst werd opgevoerd, niet meer is voorgekomen. Gaan we de weg terug inslaan? De Duitse politici zijn er mee aan. Ze weten niets anders te doen dan de kop in het zand te steken. De sociaal-democraten beloven de kiezers vier miljoen nieuwe banen, de christen-democraten en liberalen spiegelen hun een flinke belastingverlaging voor en Die Linke, een soort SP, volstaat met ‘geen gezeik, iedereen rijk’. Vroeger waren bij ons de communisten (de CPN) kampioen in het beloven van gouden bergen. Van het verwijt dat ze financiële luchtfietsers waren, trokken ze zich niets aan. De bekende Groninger communist Fré Meis maakte zich er van af, zoals Flip de Kam onlangs in NRC Handelsblad memoreerde, met het hilarische argument ‘Als wij gaan regeren, geven de koeien meer melk.’ De communisten zijn door de tijd ingehaald. Als het gaat om misleiding van de kiezers doen de huidige politici in Duitsland echter nauwelijks voor hen onder. Met hun loze beloften draaien ze de burgers ook een rad voor de ogen. De werkelijkheid is dat de levensstandaard van een groot aantal (vooral beneden modale) huishoudingen achteruit zal kachelen. Lager besteedbare inkomens, onbetrouwbare politici, een torenhoge inflatie en een overheid die platzak is vormen een explosief mengsel. Zeker in een internetsamenleving, waarin opruiing en wantrouwen tot de dagelijkse kost van de goegemeente behoren. De sociale onlusten in Griekenland en in de Franse voorsteden zouden wel eens voortekenen kunnen zijn van wat er voor Europa in het vat zit. Pluspunt De financiële situatie van ons land is vergelijkbaar met die van Duitsland. Er zal in de volgende regeerperiode jaarlijks drie miljard binnen moeten komen door bezuinigingen of belastingverhogingen. Vorig jaar om deze tijd hadden Balkenende, Bos en Rouvoet nog niets in de gaten. De oppositie en het Centraal Planbureau trouwens evenmin. Toen de financiële crisis eind vorig jaar ons land bereikte, trippelde Bos aanvankelijk euforisch rond in zijn rol van bankenredder. De komende troonrede en miljardennota zullen het nog moeten uitwijzen, maar het ziet er naar uit dat de ernst van de financiële situatie inmiddels wel tot het kabinet is doorgedrongen. Of dat ook geldt voor de sociale gevolgen ervan is overigens nog de vraag. In vergelijking tot Duitsland is een belangrijk pluspunt, dat de politieke partijen er bij ons een gewoonte van hebben gemaakt om voor de verkiezingen hun programma’s door te laten rekenen door het onafhankelijke Centraal Planbureau. Daar gaat hoe dan ook een preventieve werking van uit. Qua kiezersbedrog zullen onze lijstrekkers het in de komende campagne daarom minder bruin bakken dan hun Duitse collega’s. Zij zullen niet beweren dat, als zij gaan regeren, de koeien meer melk zullen geven. Laat ons dat tot een troost zijn. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber De politiek is een gebroken neoliberale rietstengel In het Fries kan het zo mooi gezegd worden: de oerheit is ta weismiten keard. De overheid deugt nergens voor. Belastingen zijn weggegooid geld. De overheid is niet in staat om problemen op te lossen, ze maakt ze alleen maar erger. De markt moet fungeren als kompas . Het bedrijfsleven presteert zo veel beter. De overheid moet veel meer ondernemer worden. Jaar in jaar uit is deze kretologie er bij het volk in gehamerd. Door wie? Door de politici! Politici zijn recordhouder in het spugen in de bron, waaruit zij dagelijks drinken. Het begon indertijd met de Amerikaanse president Ronald Reagan. Hij beweerde dat de overheid het grootste probleem is. Ons land kreeg een stevige klap mee van die neoliberale mallemolen. De twee paarse kabinetten Kok en de eerste drie kabinetten Balkenende zorgden er voor dat Nederland het meest Amerikaanse land van Europa werd. De overheid, zo heette het, moest terugtreden. Marktwerking en privatisering werden de modieuze toverwoorden. Daarmee werd ons land de gekke Henkie van de EU. Een treffende voorbeeld zijn de Nederlandse energiebedrijven. De Haagse zieners verordonneerden dat ze om markttechnische redenen moesten worden opgesplitst. Toen die taak was volbracht werden ze in een mum van tijd likkebaardend overgenomen door een Zweeds staatsbedrijf (wat markt?) en een (ongesplitste!) Duitse energiereus. De neoliberale demagogie leidde er ook toe dat de rot toesloeg in ons politieke stelsel. Politici die de overheid stelselmatig verdacht maken veroorzaken een veenbrand. Als dit gebeurt met het groene hout (de politici), wat kan er dan nog verwacht worden van het dorre? Dat laat zich raden. De burgers gooien er nog een schepje bovenop. Het gevolg is dat er in ons land een sfeer is ontstaan van onbehagen en ongenoegen, van argwaan en wantrouwen. De ideale voedingsbodem voor populisme. Daarbij denkt men doorgaans vooral aan partijen als de SP en de PVV. Dat is niet terecht. De hele Nederlandse politiek is vergeven van populisme. Herman Wijffels gebruikte er de afgelopen week een Duits woord voor. Hij verzuchtte dat we in de greep dreigen te raken van het Volksempfinden. Anders gezegd: in Den Haag worden de onderbuikgevoelens uit de samenleving steeds meer richtsnoer voor het politieke handelen. Aanleiding voor de hartenkreet van Wijffels was de gang van zaken rond het uitbaggeren van de Westerschelde. Vier jaar geleden sloot het toenmalige kabinet Balkenende na jarenlange onderhandelingen daarover een verdrag met België. Beide parlementen stemden er mee in. Tegen de zin van nogal wat Zeeuwen (en Rotterdamse havenbaronnen). Reden voor het kabinet, onder nadrukkelijke aanvoering van de premier, om zand in de machine te gaan strooien. Van alle kanten werd het kabinet gewaarschuwd dat het daarmee de weg insloeg naar een juridisch moeras. Het haalde niets uit. Er was ook geen politicus die het aandurfde er op te wijzen dat Antwerpen en Rotterdam de handen in elkaar moeten slaan. Anders worden ze beide opgevreten door Hamburg. Nee, het einde van alle wijsheid was dat er in Zeeland stemmen op het spel stonden. Zodoende. Balkenende en Wijffels, een Zeeuw en een Zeeuw. Tariq Ramadan Het neoliberalisme heeft de ziel (de ideologie, de waarden en normen) uit de politiek gehaald en de kiemen gezaaid voor achterdocht, argwaan en een simplistisch populisme. Maar daarmee zijn we er nog niet. Het neoliberalisme heeft ook op zijn geweten dat de economie, de mammon, tot allerhoogste norm is verheven. De (maatschappelijke) identiteit van mensen wordt tegenwoordig in hoge mate bepaald door baan en inkomen. Dat heeft geleid tot twee uitwassen. Al meer dan twintig jaar worden uitkeringsgerechtigden en AOW-ers door de politiek permanent op achterstand gezet. Zij hebben geen baan (meer) en zijn daarom minder waard. De enige bezuinigingsmaatregel waar het kabinet het over eens kon worden is het optrekken van de AOW-leeftijd. Het past in het patroon: senioren (zonder aanvullend pensioen en vermogen) als melkkoe. De voedselbanken komen niet uit de lucht vallen, de graai- en bonuscultuur evenmin. Hoe meer iemand verdient, hoe hoger zijn aanzien. De sterkste schouders die de zwaarste lasten moeten dragen? Dat is een verhaal uit de oude doos. In tegenstelling tot de baanlozen worden de mensen die het gemaakt hebben op alle mogelijke manieren ontzien. Miljonairs moeten evenveel kinderbijslag ontvangen als een bijstandsmoeder. Daar is geen praten tegen. Er mag niet over worden nagedacht – de coalitiepartijen hebben daarover een fatwa uitgevaardigd – om de hypotheekrenteaftrek voor huizen boven een miljoen (enigszins) te beperken. De neoliberalen hebben er voor gezorgd dat het tarief voor de hoogste inkomens in de loop der jaren is teruggeschroefd van 72 naar 52 procent. Er is echter geen denken aan dat in de huidige benarde financiële omstandigheden de belasting op inkomens boven de Balkenende-norm (€ 170.000,-) ook maar een paar procent zal worden verhoogd. Het CNV is momenteel de uitzondering op de regel. De christelijke vakbeweging verplaatst zich in de gedachtegang van het kabinet en probeert ‘van binnenuit’ sociale onevenwichtigheden te corrigeren. Elke vergelijking gaat mank, maar het doet denken aan de aanpak die de Rotterdamse hoogleraar Tariq Ramadan volgt ten aanzien van de islam. Van binnenuit hervormen. Hij moest worden uitgedreven omdat hij niet paste in het gangbare zwart-wit denken. Of het het CNV beter zal vergaan? Daar zullen de partners in de SER dan voor moeten zorgen, de politiek is momenteel niet veel meer dan een gebroken neoliberale rietstengel. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| Contrapunt Sytze Faber Geert Wilders en wauwelende virologen Geert Wilders doet volgend jaar niet mee aan de gemeenteraadsverkiezingen omdat hij geen geschikte kandidaten kan vinden? Lariekoek. Hij wíl ze niet vinden. Op 19 januari 2010 moeten de kandidatenlijsten worden ingeleverd. Nog vijf maanden te gaan dus. Maar Wilders weet nu al dat – behalve in Almere en Den Haag – zijn zoektocht tevergeefs zal zijn. Hij houdt er daarom maar mee op. Dat heeft zo zijn voordelen. Wilders kan straks niet voor de voeten worden gelopen door toekomstige lokale PVV-opperhoofden. Dat is cruciaal. Het handelsmerk van de PVV is immers absolute eenheid en onvoorwaardelijke trouw aan de leider. Door af te zien van de raadsverkiezingen wordt ook een capaciteitsprobleem voorkomen. Het ene lid dat de PVV telt, Geert Wilders, wil de personeelsaangelegenheden strikt in eigen hand houden. Gegadigden voor het raadslidmaatschap moesten bij Wilders solliciteren en bij hem op sollicitatiebezoek komen. Er zijn liefst 450 gemeenten, daar dreigde Wilders in om te komen. Nu is Wilders in de gelegenheid de campagnes in de twee gemeenten waar de PVV wel meedoet, zelf te regisseren. Het wordt een overweldigend publicitair succes. Op 3 maart a.s., de dag van de raadsverkiezingen, zullen journalisten, fotografen en cameralieden in rijen van drie oprukken naar Almere en Den Haag. De burgemeesters Annemarie Jorritsma en Jozias van Aartsen, vroegere VVD-maatjes van Wilders, zullen ’s avonds onder enorme mediabelangstelling de uitslag in hun gemeente bekend maken. De opkomst zal in beide gevallen ongekend hoog zijn en de PVV zal als de grote winnaar uit de bus komen. Maurice de Hond en zijn soortgenoten zullen niet van de buis zijn weg te slaan. Zij rekenen voor dat als de uitslag van Almere en Den Haag doorgetrokken wordt naar het landelijke niveau de PVV de grootste partij geworden is en dat Geert Wilders dus de volgende premier zal zijn. Geert zal dan voor de camera’s een brokje in de keel krijgen en zeggen dat hij kei- en keihard zal werken om aan de hooggespannen verwachtingen te voldoen. Hij roept Balkenende op om vervroegde verkiezingen uit te schrijven nu gebleken is dat het volk geen vertrouwen meer in hem heeft als minister-president. Zo zal het tv-avondje er op 3 maart ongeveer uit gaan zien. ‘Wilders 4 President!’ Niet ondanks maar dankzij het feit dat de PVV maar in twee gemeenten aan de raadsverkiezingen heeft meegedaan. Een meesterzet. Tamiflu In de samenleving groeit de argwaan tegen elites, deskundigen en autoriteiten. Die maken het er vaak ook naar. De berichten op internet helpen ook een stevig handje. In die toenemende achterdocht ligt de voedingsbodem van het succes van Wilders. Hij profileert zich als de ridder zonder vrees of blaam, terwijl de rest volgens hem onder één deken ligt. Daar heeft hij nogal eens gelijk in. Er is een onophoudelijke stroom berichten over gegraai, bonussen en gigantische vertrekpremies in de zorg, bij de banken en in het bedrijfsleven. Oorzaak: de toezichthouders houden geen toezicht waardoor de bestuurders hun gang kunnen gaan. Vrienden onder elkaar. In de politiek is het vaak van hetzelfde laken een pak. Balkenende, Bos en Rouvoet moeten als (vice-) het algemeen belang dienen. Ze zijn echter ook politiek leider van hun partij en uit dien hoofde zijn ze verplicht het partijbelang na te jagen. Gevolg: zompige, moeizame besluitvorming in het kabinet. De dubbele petten van Balkenende, Bos en Rouvoet leiden er ook toe dat de Tweede Kamer nog het meest op een dood vogeltje lijkt. Het is de belangrijkste taak van de Kamermeerderheid (de regeringscoalitie) om het hun partijleiders in het kabinet zo veel mogelijk naar de zin te maken. Van het uitoefenen van toezicht en controle – daarvoor zijn de Staten-Generaal indertijd opgericht! – komt weinig terecht. Opnieuw: (politieke) vrienden onder elkaar. Verder wemelt het van ondoorzichtige relaties tussen politici en deskundigen en tussen deskundigen en het grote geld in het bedrijfsleven. Een actueel voorbeeld zijn de virologen, die het hele jaar al niet van het tv-scherm zijn weg te branden. Specialisten in het zaaien van wantrouwen. Begin dit jaar slaagden ze er met hun zelfgenoegzaamheid en selectieve informatievoorziening in om de campagne te verkloten om jonge meisjes te laten inenten tegen baarmoederhalskanker. Geroutineerde GGD-mandarijnen waren niet opgewassen tegen de (internet) logica van ‘gewone’ moeders. Tot schrik van de farmaceutische industrie, waarmee veel medische autoriteiten – tot wederzijds genoegen – nauwe banden onderhouden. Vervolgens worden we nu al vijf maanden door virologen vergast op quasi deskundig praat over de Mexicaanse griep. Verantwoordelijk minister Klink mompelt voor de camera ook wel eens een paar zinnen, maar die gaan het ene oor in en het andere uit. De virologen voeren het hoogste woord. Voor een normaal mens is er geen touw aan vast kan knopen. Bovendien: hoe betrouwbaar is hun praat eigenlijk? Eergisteren werd bekend dat de lofzang op de virusremmer Tamiflu vooral de wereld is in geholpen door een door de producent van Tamiflu gefinancierde studie. Hoe dan ook, over de effectiviteit van het middel wordt verschillend gedacht en over bijwerkingen is – net als bij het vaccin tegen baarmoederhalskanker – weinig bekend. Daar heb ik onze supervirologen Ab Osterhaus en Roel Coutinho nooit een woord aan horen wijden. Een beetje (?) raar. Verpleegkundigen in ziekenhuizen kunnen gemakkelijk patiënten besmetten. Velen van hen, zo bleek afgelopen week, kunnen de praatjes van Ab en Roel echter gestolen worden. Ze zijn niet van plan zich te laten inenten tegen de Mexicaanse griep. Medisch personeel op mbo- niveau dat de hooggeleerde virologen wantrouwt. Een treffende illustratie van de grote kloof tussen gewone mensen en autoriteiten, waar Wilders zijn succes aan ontleent. Reageren?fabersyma@planet.nl Zie voor eerdere columns http://sytzefaber.livejournal.com/ | |
|
| |